Agree to disagree

Agree to disagree

De felheid en woede vond ik nog het meest opvallend vorige week zondag. Het stoom kwam enkele betogers haast uit de oren.  Dat de ME een einde aan een ruzie om piet moest maken, is te gek voor woorden.

 

Maar deze conflicten worden ook niet opgelost met woorden. Het lijkt een regelrechte patstelling. Want als je meegaat in de KickOutZwartePiet-gedachte (die term mag ook wel iets vriendelijker), en je creëert roetveegpieten en blanke pieten, dan krijg je de hoon van de pro-pieten-beweging op je dak. Hoe doe je dit goed, en vooral: hoe lang duurt het voordat we dit eindelijk eens goed doen? Samen.

 

Nu wil ik me niet mengen in die discussie, daar is al zoveel over geschreven. En woorden hebben weinig waarde.

Maar die polarisatie neemt toe, en dat is zorgelijk. Virus-waanzin, fake news, omroep Zwart, anti-vaxxers en alle tegenbewegingen daarbij. De voors en tegens worden met een ongekende felheid bestreden. Zonder ruimte voor andermans argumenten, laat staan gevoelens. Zonder enige remming worden bedreigingen en fysiek geweld niet geschuwd. Om gelijk te halen?

 

En ik ben geen heilige en herken het gevoel mee geslepen te worden in eigen gelijk, en daar de ander van willen overtuigen. Wie kent dat niet? Maar respectvolle discussie met oog voor elkaars argumenten en gevoel, elkaar echt horen, leidt tot noodzakelijke vooruitgang, tot nieuwe ontwikkelingen, tot doorbraken.

 

En soms, heel soms kom je er (nog) niet uit. En voor die enkele keer (en wellicht ook voor die enkele personen die daar niet mee kunnen leven) geldt mijn ondergrens: ‘we agree to disagree’. Met die ondergrens houd je dieperliggende frustratie en woede weg, is er geen gezichtsverlies, maar onderling respect. Het is geen wedstrijd, het speelveld is van ons allemaal. ‘We lossen dit nu niet op. Het is prima dat we het niet eens worden, daar gaat ons goede gedrag niet onder leiden’. En vervolgens denken we zelf verder na over een oplossing, en proberen we begrip te krijgen voor de genoemde argumenten. Simplistisch? Misschien. Maar het is mijns inziens de enige manier om samen in een klein landje enigszins georganiseerd te leven.

 

Een klein conflict van andere orde deed me glimlachen. Je hebt hem vast ook gezien op social media. Hamza, de garagehouder (en kippenliefhebber) uit Rotterdam, die zich vriendelijk verzet tegen het vangen van de al vijf jaar loslopende kippen rond zijn bedrijventerrein. “Koekoelekoek, kost maar 5 euro, zo’n kieppetje….”

 

Een zin bleef me bij: ’Hebben ze niks beters te doen?’. Hij zei het met een smakelijke lach en ging verder. De lach, waar ik behoefte aan had. Meer dan ooit in deze tijd van conflict en (on)gelijk.

 

 

Sander Kleikers